colors

colors

colors

colors

THEORIE

Tijdelijk gebruik

 

teksten over tijdelijk gebruik

argumentatie voor de voordelen

risico’s en ambiguīteit

belangstelling vanuit politieke hoek

 

Teksten over tijdelijk gebruik in het algemeen en toepassingen in enkele Europese steden

Zie opnieuw Vrije Ruimte: 'Laat 1000 vrijplaatsen bloeien’ onderzoek over vrijplaatsen (“Freezones”) in Amsterdam.

Het eerste deel gaat over het sociale aspect van een Freezone (een fysieke ruimte, waar er een kruisbestuiving is tussen woonplek en werkruimte met een specifieke werkingswijze (zelfbeheer, het collectieve aspect…).

Het tweede deel geeft een voorstelling van de manier waarop Freezones georganiseerd zijn (sociale organisatie). Het derde deel gaat over de basisvoorwaarden voor het ontstaan en de werking van een freezone. Dit laatste deel sluit af met aanbevelingen voor zowel gebruiker als overheid.


Zie ook de site www.templace.com waar je in “thinkpool” een reeks studies over dit onderwerp vindt, onder andere:

  • Urban Catalyst Research Report
    Studie over tijdelijk gebruik en stadsvernieuwing in verschillende Europese steden
  • Development of Temporary Uses in Vienna
  • Promotion and Intensification
    Urban intensification strategies and promotion of temporary uses in Helsinki
  • The City as a Loft : het voorbeeld van Christiania in Denemarken
  • The Ephemeral
    fragment uit “Berlin_City without form”
  • The temporary private zone
    A new nomadic concept for urbanisme

  • Een argumentatie voor de voordelen van tijdelijk gebruik : vanuit cultureel, economisch en stedenbouwkundig oogpunt

    Hier vind je enkele argumenten ten voordele van het tijdelijk gebruik van gebouwen vanuit verschillende invalshoeken.

    Culturele waarde

    Tijdelijk gebruik komt creatie en ontwikkeling van onafhankelijke projecten ten goede, en zodoende ook de culturele, sociale en zelfs politieke dynamiek van een stad op lange termijn. Dit heeft te maken met de handhaving van het laboratoriumaspect (het experimenteren met praktijken) en de creatie van een netwerk van samenwerking en uitwisseling. Dit is voor ons de voornaamste doelstelling bij de ontwikkeling van het project Precare.

    Vaak is het mogelijk dat de gebouwen meerdere verschillende activiteiten herbergen. Dit nabuurschap leidt tot contacten / uitwisselingen / samenwerkingsverbanden en het tot ontwikkeling komen van een sociale, economische, culturele vitaliteit in een sector die werkt op basis van netwerking.

    Economische waarde

    Tijdelijk gebruik bevordert het ontstaan van projecten en leidt zo indirect tot de ontwikkeling van de non-profit sector. De economische rentabiliteit van de non-profit sector is het voorwerp van verschillende studies die de economische inbreng becijferen (zie onder andere de studies van het departement Sociale Economie van ULG (université de Liège) waaronder de thesis van Sybille Mertens "Vers un compte satellite des institutions sans but lucratif en Belgique" waarin een methodologie ontwikkeld wordt om de reële inbreng van de non-profit sector in het BNP te berekenen.

    Deze sector de kans geven om projecten te starten of te ontwikkelen is dus een economische investering op lange termijn. Eigelijk verdient deze sector beter dan enkel de ter beschikkingstelling van werkruimten… want in feite is het steunen van de non-profitsector vergelijkbaar met het subsidiëren van wetenschappelijk onderzoek, met centra voor jonge ondernemers of met steun aan startups.

    Argumenten voor de eigenaar: vermindering van onderhoudskosten en beveiliging van het gebouw. De prijs voor globaal onderhoud van leegstaande gebouwen wordt geschat op 1% van de waarde per m². Onmiddellijke besparing voor de eigenaar dus.

    In plaats van astronomische sommen te investeren in de beveiliging van een leeg gebouw , zodat er zeker niets zou gebeuren, pleiten wij ervoor om er een beetje in te investeren opdat er zoveel mogelijk dingen in gebeuren…

    Een ander argument voor de eigenaar is het vermijden van de leegstandstaks. Deze taks (gewestelijk voor Vlaanderen en Wallonië, gemeentelijk voor Brussel) wordt echter onvoldoende toegepast en/of neemt veel tijd in beslag (een situatie die kan veranderen!). Dit blijft dus voornamelijk een argument voor eigenaars die wettelijk in orde willen zijn of in Brusselse gemeenten die de wet strikt toepassen. Voor meer info over deze taksen zie: mrw.wallonie.be - Echos n°1 / 2005 en n°2 of 3.

    Nog steeds vanuit het standpunt van de eigenaar, is er de valorisering van het gebouw (dat niet meer als een stadskanker beschouwd wordt) en daarbij ook de verhoogde zichtbaarheid van het te koop of te huur staande gebouw.

    Stedenbouwkundige waarde

    stadsontwikkeling
    Naast de stedelijke dynamiek die de laboratoriumdimensie van een stad met zich meebrengt, draagt tijdelijk gebruik bij tot de ontwikkeling van een wijk. Op z’n minst door het vermijden van een stadskanker en alle negatieve gevolgen daarvan, en in het beste geval door het behoud en de ontwikkeling van een sociaal-relationeel weefsel dat niet enkel de plaatselijke en omliggende wijkactoren voedt, maar ook andere plekken in Brussel (“informeel” netwerk van deze verschillende structuren).

    Deze bijdrage tot stadsontwikkeling kan ook helemaal anders uitdraaien: zie risico’s en ambiguïteit

    De tijdelijke inplanting van initiatieven in een wijk komt het experimenteren met nieuwe werkingen en activiteiten ten goede. Deze actoren hoeven geen rekening te houden met het logge aspect van een definitieve vestiging. De aanwezigheid van tijdelijke projecten kan impulsen geven aan de stad, de bewoners en de gebruikers om hun noden en behoeften betreffende de ontwikkeling van de wijk kenbaar te maken. Zie bijvoorbeeld in Wenen het project City Cat Stimulator for temporary use dat op die basis werkt.


    Zie ook de argumentatie voor het tijdelijk gebruik van het RijksAdministratief Centrum zoals vastgelegd tijdens de denkateliers over de toekomst van deze site (georganiseerd door City Mine(d) – maart 2004).

    Risico’s en ambiguïteit van tijdelijk gebruik

    De vastgoedsector gebruikt meer en meer (vooral) cultureel tijdelijk gebruik als middel om een wijk te herwaarderen en te ontwikkelen, voornamelijk (en soms enkel en alleen) op vastgoedvlak. Een instrumentalisering die het fenomeen “gentrificatie” versterkt.
    Zie kaart van kraakpanden en zones van gentrificatie – document van Thomas Dawance in het kader van de voorstelling van Tagawa (Occupation transitoire d’immeubles à l’abandon – réponse à la crise du logement et alternative culturelle) – downloaden via www.one4web.be

    Over de rol van squats in het gentrificatie-proces gaat het artikel van Hans Pruijt
    Is the institutionalization of urban movements inevitable?
    A comparaison of the opportunities for sustained squatting in New York City and Amsterdam

    Tijdelijk gebruik kan een goede oplossing zijn om een project te starten of te ontwikkelen. Dit tijdelijk gebruik kan zelfs een werkwijze worden voor bepaalde collectieven/projecten. Maar het kan geen duurzame oplossing bieden aan ieder die tijdelijk gebruik in eerste instantie hanteerde.

    Belangstelling vanuit politieke hoek

    Het culturele programma van de SPA (socialistische partij in Vlaanderen) vermeldt de piste van het gebruik van leegstaande gebouwen om er artiestenateliers van te maken. Maar ze beperken zich tot beeldende kunstenaars…!
    www.s-p-a.be (artikel 330)

    ...Lees het vervolg: Voorbeelden van tijdelijke bezetting (en andere)